Nieuwe pagina 4

Konings Glansfazant ( Lophophorus impeyanus ):
nhdb.nl
Groepsnaam: Glansfazanten

Engels: Himalayan monalimpeyan pheasant
Duits: Könings glanzfasan
Frans: Lophophore resplendissant

Herkomst: Himalaya gebergte van oost Afghanistan tot in zuid Tibet.

Algemene indruk en grootte: Zeer forse zware vogel met een sierlijke kuif, een gedrongen lichaamsbouw en tamelijk opgerichte houding. Lengte ± 70 cm. waarvan ± 20 cm. staart.

Vormbeschrijving en kleur:
Kop: Vrij vlakke voorkop met bovenop een kuif welke bestaat uit sprietige veertjes die van boven ovaalvormig zijn. Het ovaalvormig uiteinde is goud-groenblauwglanzend. Bovenkop zwart, goudgeelachtig-groenglanzend. Om het oog bevindt zich een lichtblauwe naakte gezichtshuid, met een zwart randje rond het oog.
Hen: De korte kuif bestaat uit verlengde kopveren; okerkleurig met donker zwartbruine zoming. Rond het oog een kleine blauwe naakte gezichtshuid.

Snavel: Krachtig, tamelijk lang, licht gebogen waarvan de bovensnavel met de punt over de ondersnavel valt; donkerhoornkleurig.

Ogen: Levendig; donkerbruin, pupil zwart.
Hen: Zeer donkerbruin.

Hals: Vrij kort en stevig; paarsbronsachtig-groenglanzend. Keel zwart met iets blauwgroene glans.
Hen: Okerkleurig met donker-zwartbruine zoming, naar de rug toe donkerder wordend. Keel wit.

Rug: Licht gebogen en breed. Schouders lichtgoudgroenglanzend, overgaand in blauwachtigpaars. De rug is iets grijsachtig-wit.

Hen: Okerkleurig-gemêleerd, met een donkere zoom voor het uiteinde, naar de staart toe grover en donkerder.

Stuit: Zwartblauw, groenpaarsglanzend, overgaand in goudgroenglanzend.
Hen: Als rug.

Staart: Naar verhouding kort, breed en goed gespreid gedragen; goudgeel, naar het uiteinde toe bruiner wordend.
Hen: Staartdekveren grover en donkerder getekend als de rug, met lichtcrème-achtig uiteinde. Staartstuurveren bruinzwart met een licht tot donkerokerkleurige bandtekening en iets gemêleerde tekening. Het uiteinde van de staart is crèmekleurig. Onderstaartveren donkergrijsbruin gemêleerd, met witte uiteinden.

Borst: Breed, goed gerond in een lijn overgaand in de buik; zwart.
Hen: Okerkleurig met donkerbruinzwarte zoming, naar de buik toe lichter wordend, met een witte nerf, zonder zoming.

Buik: Breed, vol, goed gerond doorlopend vanaf de borst; zwart.
Hen: Lichtokerkleurig met witte nerf.

Vleugels: Krachtige middellange vleugels welke goed aangesloten worden gedragen. Grote slagpennen: zwart, kleine slagpennen: zwart met geelgroenachtige glans. Vleugeldekveren: paarsblauwachtig, met aan het uiteinde iets blauwgroene glans.
Hen: Grote slagpennen: donkergrijsbruin, iets gemêleerd, aan de buitenvaan met licht uiteinde aan de veer. Kleine slagpennen: grijsbruin, met onregelmatige okerkleurige tekening, met aan het uiteinde een lichte zoming. Vleugeldekveren donker bruinzwart, met een okerkleurige tekening en zoming.

Flanken: Breed, worden niet door de vleugels bedekt; zwart.
Hen: Lichtokerkleurig met witte nerf.

Poten: Naar verhouding kort en stevig, voorzien van stevige sporen; hoornkleurig.
Hen: Hoornkleurig, zonder sporen.

Gevederte: Strak, glad aanliggend en sterk glanzend. Onderkleur donkergrijs.
Hen: Strak, glad aanliggend.

Eventuele ondersoorten:
Niet bekend.

Eventuele kleurmutaties:
Niet bekend.

Ernstige fouten:
Grote poot-, snavel- of skeletafwijkingen, veel te klein van bouw, veel te weinig glans bij de haan.

Fouten:
Bovenstaande ernstige fouten in mindere mate voorkomend. Ruw in het gevederte. Te dunne kuif. Te hoog gesteld. Te lang doorgegroeide bovensnavel.

Ringenmaat: Haan 15 mm. Hen 14 mm.

Bijzonderheden:
Broedduur: ± 27 dagen
Geslachtsrijp: Tweede jaar
Luidruchtig: Nee
Vorstgevoelig: Nee
Agressief: Tijdens het broedseizoen kan de haan agressief zijn ten opzichte van de hen

Andere eigenschappen:
Graaft de bodem om met de snavel. Ze moeten beschikken over een ruime volière. Ze worden paarsgewijs gehuisvest. Ze komen het tweede jaar pas volledig op kleur.

( Informatie bron nhdb.nl )